Landmacht

Het Commando Landstrijdkrachten is het grootste onderdeel van Defensie. Er werken circa 21000 mensen. De Landmacht is voor de taakuitvoering van Defensie van doorslaggevend belang. Vrede en veiligheid moeten immers uiteindelijk toch vaak op de grond worden afgedwongen. Sedert de val van de Muur heeft de Landmacht een steile veranderingscurve doorlopen. Van een relatief log dienstplichtig kader-militie leger vormde de Landmacht zichzelf om in een lean and mean professioneel leger. De vele missies waaraan de Landmacht de afgelopen decennia deelnam, katalyseerden het veranderingsproces. Anno nu  is de Landmacht een goed getrainde organisatie, overal ter wereld inzetbaar en opererend onder de moeilijkste omstandigheden. De organisatie bezit modern materieel en zeer gemotiveerd, capabel en mentaal sterk personeel. Onder aanvoering van zelfstandige, jonge leiders leidt dat tot een bedrijf dat zeer flexibel is. Dat moet ook want daar waar in de koude oorlog de operatieplannen tot op het laagste niveau vastlagen, is het nu onzeker waar de volgende missie zal zijn. En daar waar vroeger eindeloos kon worden geoefend op het principe aanval opvangen, vertragen, tegenaanval, is de wijze van optreden in deze moderne tijd telkens anders en afhankelijk van factoren als het terrein, de samenstelling en de middelen van de eigen eenheden, de tegenstanders, de houding van de bevolking, de beoogde effecten, de afstand tot Nederland, de Rules of Engagement en de fase waarin het conflict zich bevindt. Om in een dergelijke situatie succesvol te kunnen zijn, is de can do mentaliteit van de mannen en vrouwen van de Landmacht zeer belangrijk. Maar daarnaast is natuurlijk ook veel vakkennis vereist. Die is bij de Landmacht gerangschikt in zogenaamde Wapens en Dienstvakken.  Vanuit deze peer-organisaties worden de uitvoerende operationele eenheden gevormd (brigades en bataljons). De Wapens en Dienstvakken zijn overigens ook verantwoordelijk voor het in stand houden van de vroegere regimentstraditie. Belangrijk want ook vandaag de dag nog zijn de Regimenten van groot belang voor het “esprit de corps” en een hoog moreel.

Wapens

  • Infanterie

    De kern van de Landmacht wordt sinds jaar en dag gevormd door de infanterie. Infanteristen zijn degenen die een gebied fysiek  innemen en controleren. Ook in deze moderne tijd gebeurt dat nog te voet. Maar dat is dan ook meteen de enige overeenkomst met de voetsoldaten zoals velen die nog kennen uit bijvoorbeeld de oorlogsfilms over de Tweede Wereldoorlog. Tegenwoordig spreken we over pantserinfanteristen en luchtmobiele infanteristen. De eersten zijn ingedeeld in groepen van circa 10 man die zich verplaatsen in een pantserrupsvoertuig. Het voertuig is voorzien van een zwaar boordkanon en beschikt verder over hypermoderne apparatuur voor radio- en datacommunicatie. Naast de communicatie met andere infanteriegroepen kunnen hiermee de hogere niveaus real time worden geïnformeerd over de situatie ter plaatse.  Geavanceerde nachtzichtapparatuur maakt het mogelijk rond de klok op te treden. Als de infanteristen het voertuig moeten verlaten, hebben ze de beschikking over verschillende moderne wapens en staan zij door middel van “oortjes” in contact met elkaar en met hun voertuig. Elk lid in een groep heeft één of meerdere specialismen, van lange afstandsschutter tot hospik, van bedienaar van de zware mitrailleur tot bedienaar van antitankwapens. De luchtmobiele infanterist wordt vervoerd met een helikopter en is daarom iets lichter bewapend. Maar als het nodig is, kan ook hij met de voertuigen van de pantserinfanterie optreden. Zeer speciale infanteristen zijn de commando’s van het roemruchte Korps Commandotroepen. In kleine eenheden voeren deze elitesoldaten speciale operaties uit. Het kan gaan om verkenning- of sabotageacties in vijandelijk gebied, om het bevrijden van gijzelaars uit vijandelijke handen, om terreurbestrijding in crisisgebieden, om het aansturen van laser guided bombs of om het evacueren van Nederlandse staatsburgers uit plotselinge ontstane crisisgebieden. Commando’s opereren te voet, met voertuigen, per helikopter, per parachute of met duikuitrusting. Hun uitrusting behoort, net als die van de pantser- en luchtmobiele infanteristen tot de modernste van de wereld en wordt steeds verbeterd. Geen overbodige luxe voor de moderne boots on the ground die in elke missie de uiteindelijke beslissing moeten brengen.

  • Cavalerie

    De cavalerie en de infanterie werken al eeuwen samen. Tot voor kort vormden zij samen de vuist van de Landmacht. Van oudsher was de cavalerie de snellere en geduchtere, eerst hoog gezeten op snelle paarden, later met zware tanks zoals de Leopard A6 met zijn 120 mm kanon. Recent is hier verandering in gekomen. De zware tanks zijn uitgefaseerd. In het expeditionaire optreden lijkt de operationele noodzaak voor tanks namelijk minder groot. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat dit wapensysteem ook aan de kant is gezet vanwege de voortgaande bezuinigingen op het defensiebudget. Tegenwoordig houdt de cavalerie zich in hoofdzaak  bezig met het inwinnen van inlichtingen over de tegenstander.

  • Artillerie

    De Artillerie ondersteunt en beschermt vanachter de eigen linies de eigen troepen tegen gevaar vanaf de grond of vanuit de lucht door middel van indirect vuur. De artilleristen doen dat met krombaan- en raketwapens. Hun werk kan worden gevangen in de woorden  doelselectie en doelopsporing, vuursteunplanning en vuursteuncoördinatie,, doelbestrijding en doelevaluatie. De gebruikte doelopsporingsmiddelen variëren van waarnemers bij de manoeuvre eenheden die de granaten op de juiste plaats dirigeren tot Remotely Piloted Vehicles (drones) en mortier- en artillerieopsporingsradars. Het “Stinger” raketsysteem en de Pantserhouwitser 2000 zijn voorbeelden van gebruikte wapensystemen. “Sensor to Shooter”-technologie zorgt ervoor dat de vuursteun snel, nauwkeurig en 24 uur per dag afgegeven kan worden.

  • Genie

    De Genie heeft evenals de Artillerie een ondersteunende rol. De Genie wordt wel het meest veelzijdige onderdeel van de Landmacht genoemd. In missiegebieden bouwen genisten de onderkomens voor hun collega’s. Vaak gaat het daarbij om complete dorpen met onder meer beschermende woon- en recreatievoorzieningen, onderhoudslocaties, commando-installaties, wegen, een vliegveld, water- en elektriciteitsvoorziening en  afvalverbranding- en afvalzuiveringsinstallaties. Daarnaast draagt de Genie in een missiegebied zorg voor bouw, herstel en onderhoud van de Lines of Communication. Dat doen de genisten door middel van bruggen- en wegenbouw en het herstel en/of bouw van spoorweg-,  haven- en vliegveldfaciliteiten. Ook het ruimen van mijnen en het opsporen van  Improvised Explosive Devices (in de volksmond: bermbommen) behoren tot het takenpakket van de Genie. Tot slot is ook de bescherming tegen Chemische, Biologische, Radiologische en Nucleaire (CBRN) dreigingen bij de Genie ondergebracht. Zoals alle eenheden van de Landmacht staan de eenheden die niet op missie zijn stand by voor zogenaamde Nationale Operaties. Zo wordt de politie en het Openbaar Ministerie zeer regelmatig ondersteund bij het zoeken naar wapens, explosieven en drugs. En klokrond wordt een CBRN-eenheid achter de hand gehouden ingeval van calamiteiten in Nederland op het gebied van CBRN.

  • Verbindingsdienst

    De Verbindingsdienst verzorgt de communicatie tussen de verschillende onderdelen van de Landmacht. Het Wapen komt voort uit de Genie. Dat wapen onderkende het grote militaire belang van de uitvinding van de Telegraaf en richtte in 1874 de afdeling Veldtelegrafisten op. Gezien het toenemende belang van goede verbindingen ontwikkelde de verbindingsdienst zich na de Tweede Wereldoorlog tot een zelfstandig wapen. Ten tijde van de Koude Oorlog waren radio- en straalverbindingen de belangrijkste middelen van de verbindingsdienst. De laatste twee decennia zijn, net als in de burgermaatschappij, de communicatiemogelijkheden binnen de Landmacht enorm toegenomen. Tegenwoordig zorgen de ICT’ers van de Landmacht voor het opbouwen en beheren van alle telecommunicatie, zoals telefoon-, fax-, radio-, computer- en satellietverbindingen. Daarnaast speelt de verbindingsdienst een belangrijke rol in het afluisteren en storen van de communicatie van de tegenstander.

Dienstvakken

  • Logistiek

    Het dienstvak Logistiek herbergt vakspecialismen die enige jaren geleden op grond van doelmatigheidsoverwegingen onder werden gebracht in één dienstvak. De Aan- en afvoertroepen en de Intendance verzorgen de verplaatsing van de operationele eenheden naar de missiegebieden en dragen vervolgens zorg voor hun dagelijkse bevoorrading met brandstof, munitie, voedsel, kleding, wapens, reserveonderdelen en andere noodzakelijke middelen. De Technische Dienst is verantwoordelijk voor het onderhoud en de reparatie van alle Landmachtmaterieel, zowel op de bases in Nederland als in de missiegebieden. De Geneeskundige Dienst verzorgt de medische behandeling van de militairen, zowel in Nederland als in de missiegebieden. Voor dat laatste heeft de Landmacht een aantal mobiele hospitalen ter beschikking. Ze bestaan uit geklimatiseerde en gasdichte containers die in korte tijd zijn te koppelen tot kleine maar uiterst moderne ziekenhuizen compleet met operatiekamers, ehbo, huisartsenpost, apotheek, tandartspraktijk en fysio.  De “genezers” behandelen daar waar mogelijk ook de bevolking die in de missiegebieden woont. De Administratie ten slotte is in de missiegebieden verantwoordelijk voor de contractvorming en de financiële afhandeling daarvan.

  • Overige dienstvakken

    Naast het Dienstvak van de Logistiek kent de Landmacht nog een aantal kleinere specialismen die in een eigen dienstvak (zeg maar beroepsgroep) zijn ondergebracht. Het zijn de Militair Juridische Dienst, de Militair-Psychologische en Sociologische Dienst, de Technische Staf en de LO/Sport. De eerste twee dienstvakken spreken voor zich. Juristen zijn tijdens crisisbeheersingsoperaties onontbeerlijk en dat geldt ook voor de militaire psychologen, tijdens en vooral na missies. Het dienstvak van de Technische Staf wordt gevormd door officieren die een wetenschappelijke technische opleiding hebben gevolgd. Zij zijn over het algemeen werkzaam bij de Defensie Materieel Organisatie als projectmanager en gesprekspartner voor de defensie-industrie. Het dienstvak Lichamelijke Opvoeding en Sport weerspiegelt het grote belang dat de Landmacht hecht aan de gezondheid en de fitheid van haar personeel. Die dient goed te zijn want op het ene moment zit de Landmachter achter een bureau op een Nederlandse kazerne en op het ander moment is hij of zij bij 40 graden bovennul actief in een missiegebied. Voor zijn eigen veiligheid en die van anderen moet hij daar lichamelijk en geestelijk geen moeite mee hebben. De instructeurs  van het dienstvak LO/Sport, gekscherend “sportspieren”genoemd, dragen zorg voor gedegen trainingen waardoor de Landmachters zowel lichamelijk als mentaal in de conditie blijven om hun werk tijdens de missies ook onder gevaarlijke omstandigheden uit te kunnen voeren.

“Anno nu is de Landmacht een goed getrainde organisatie, overal ter wereld inzetbaar en opererend onder de moeilijkste omstandigheden.”

Meer informatie

Klik hieronder voor meer informatie over: