Het verloop van de carrière van een zeeofficier

Een kandidaat van M4B (Vice Admiraal b.d.) vertelt, hoe een succesvolle carriere van een zeeofficier bij de Koninklijke Marine (KM) verloopt...

Een zeeofficier is de generalist en vooral operationeel gerichte officier. Daarnaast kent men de technische en administratieve officieren en officieren van het Korps Mariniers.

De loopbaan start normaal – na gymnasium of VWO als vooropleiding – met een praktische gerichte veelzijdige studie van 5 jaar op academisch niveau op het Koninklijk Instituut voor de marine en de Koninklijke militaire academie. Hierin is een praktijkjaar opgenomen waarin de basics van het varen met een schip op zee worden bijgebracht. Dit kan zijn aan boord van grotere schepen, maar ook aan boord van een onderzeeboot of een mijnenbestrijdingseenheid.

Na deze opleiding volgt een vaarperiode van anderhalf à twee jaar waarin de jonge officier de verantwoordelijkheid als wacht officier op de brug leert dragen waarbij veiligheid voor schip en bemanning hem worden toevertrouwd. In die tijd kan hij soms na een extra opleiding ook al functioneren in het operationele hart van het schip als helikopter directie officier of als hulpduikofficier. Hij leert omgaan met mensen en oudere collega’s en oudere onder hem geplaatste onderofficieren. Hij krijgt ook neventaken in de scheepsorganisatie waarin hij verdere bekwaamheden opdoet, bv het runnen van de scheepswinkel. Hierna volgt een periode van specialisatie. Dat kan zijn in de navigatie, artillerie, verbindingen, mijnenbestrijding etc. Dit duurt normaal weer een jaar. Nevenspecialisaties zoals fighter controller kunnen worden aangebracht.

Uiteraard is het hierna weer varen en de nieuw verworven bekwaamheden toepassen. In deze periode krijgt hij ook de leiding over meerdere mensen die hij moet begeleiden, coachen en beoordelen. Vaarperiodes bij de Marine zijn enkele weken tot meer dan een half jaar. Het is niet ongebruikelijk dat een zeeofficier in zijn periodes aan boord van varende eenheden 4 of meer periodes van een half jaar weg van huis is. Ook  kunnen hier meerdere ernstoperaties tussen zitten zoals patrouilles in de Arabische Golf, anti-drugs operaties in het Caribische gebied of anti piraterij voor de Afrikaanse kust.

De zeeofficier is nu rond de dertig en kan in zijn volgende walplaatsing van meestal 3 jaar stafvoorbereidend werk gaan doen of in het (operationele) onderwijs terechtkomen. Hij volgt in ieder geval nu een drie maanden durende opleiding die hem verder bekwaam maakt op dit niveau te opereren. Soms begeleidt hij verdachten bij hun gang naar de militaire rechtbank in de rol van advocaat. Het patroon is duidelijk. Een aantal varende periodes en walperiodes. Als 35 jarige kan men in walbanen veel verantwoordelijkheden krijgen bij het onderhandelen in allerlei werkgroepen van NAVO en EU.

Eind dertig, begin veertig volgt een post academisch sabbatical jaar. Hoogleraren van universiteiten of uit de eigen militaire omgeving bieden hem blik verruimende colleges op bestuurskundig, politiek of hogere krijgswetenschap gebied. Na dit jaar kan een eerste commando van een grotere eenheid volgen. Op stap met een kapitaal schip met 200 man aan boord en volledige verantwoording voor alle gangbare zaken. Zeker als dit plaats vindt tijdens ernstoperaties zal dit heel veel vergen van zijn “manhandling” capaciteiten.

Na zo’n commando zal voor de meeste officieren voornamelijk een walbaan volgen. Enkelen krijgen nog een tweede commando of het commando over meerdere schepen in nationaal of internationaal verband. In walfuncties kan dit in het buitenland zijn op NAVO of EU-staven of als militair attaché verbonden aan een ambassade. In Nederland komt men op hoger niveau in de Haagsche staf of in de staf van de commandant zeestrijdkrachten in Den Helder terecht. Hierbij kan ook het beoordelen van ongevallen behoren hetgeen enige grondige kennis vergt, ook op juridisch gebied. In de Helderse staf blijven het vooral operationeel gekenmerkte functies. In de Haagsche staf heeft de oudere officier dan onder meer te maken met het stellen van behoefte voor de toekomst van de krijgsmacht of het daarmee samenhangende proces van verdelen van geld. Het kan ook inhouden werken bij de materieels organisatie om de plannen te verwezenlijken met daarmee gepaard gaande onderhandelingen met nationale en internationale industrie. Bij deze werkzaamheden wordt men geconfronteerd met de politieke realiteit. Uiteindelijk bemerkt men dat de politiek – vaak alleen in financiële zin – de beperkingen aangeeft. De laatste 20 jaar heeft dit geleid tot ingrijpende bezuinigingen binnen de gehele krijgsmacht en officieren als beschreven zijn ook verantwoordelijk voor het bedenken van oplossingen en het uitvoeren van grote reorganisaties. Uiteraard opereert men dan in het krachten veld tussen wat men wenst, wat kan, wat de vakbonden willen etc.

Excellerende zeeofficieren groeien hier door naar zgn. vlagofficier functies waarin zij op grotere gebieden knopen moeten doorhakken. Uiteindelijk kan dit leiden tot zitting hebben in de Admiraliteitsraad (de bestuursraad) van de KM of op een hoger niveau in de Haagsche omgeving. Dit brengt zware verantwoordelijkheden met zich mee. Het betekent zeggenschap over miljarden euro’s en duizenden mensen. Bij inzet voor ernstoperaties betekent dit ook advies aan minister en politiek maar ook de verantwoordelijkheid voor mensen die men weg stuurt naar gevaarlijke gebieden.

Niet alles komt aan bod, maar een zeeofficier die een dergelijk carrière pad heeft gevolgd zal zeker (moeten) beschikken over b.v.onderstaande competenties.

  • bestuurder/manager
  • conflictoplosser/mediator
  • onderhandelaar
  • verandermanager
  • analyticus
  • financieel manager
  • praktijk diplomaat
  • organisator
  • veiligheid bewustheid

 

De kandidaat die bovenstaande schets heeft beschreven van een succesvolle carriere bij de KM, is beschikbaar voor bestuursfuncties, waarbij hij met name de uitdaging ziet om daar waar processen en samenwerkingen stroperig verlopen, weer werkplezier en orde terug te brengen.